En de boer?
Mijn ouders hadden boerderij
's Morgens om 5 u winterdag stond mijn vader op, beklom
de ladder bij de korenhoop en wierp de garven naar beneden
tot hij zooveel had, dat hij een "leg" kon aanleggen en dan
ging het klip, klap, klop, de boer slaat erop.
Na het dorschen van de "leg" werden de koeien en paarden
gevoederd en werd er gemolken.
Intussen waren de andere huisgenoten ook allen gereed ge
komen en was het etenstijd.
Een groote schotel gestampte aardappels stond midden op
tafel, ieder kreeg een stevig boterham roggebrood met vet
(geen boter!besmeerd en mocht die zo zwaar hij kon be
laden met aardappels om daarna de rest van de schotel met
de vork naar de mond te brengen.
Als dan de schotel ledig was, dan verheugde je je er innig
in nog brood met aardappels te bezitten.
Wat kon je lekker eten in die dagen! De kom met brei (kar-
nemelkpap) achterna en het ontbijt was afgeloopen.
Zuinig zijn was noodzaak. De boter kostte gewoonlijk 30 ct;
eieren waren duur als je een cent per stuk kon krijgen.
Rogge 3 gld. de HL, een melkkoe 60 70 gld. Nu moet ik
wat boter aangaat even opmerken, dat ze er anders uitzag,
dan de tegenwoordige (1938).
Ze was wit, stijf, leek meer op gewoon vet dan op boter.
Er werd in huis gekarnd en de kunst van boterkarnen stond
nog zoo weinig hoog, dat er maar een enkele boerin gele
boter kon karnen en dan ook niet altijd nog.
Hoe het zij, uit de financieele toestanden in de dorpen,
waarvan wij enkele zaken aanstipten, kan men toch de con
clusie trekken, dat 400 gld in dien tijd werd aangezien
voor een belangrijke som.
Nu waren er te plattelanden bijna uitsluitend scholen in de
kerkdorpen en in den regel was de bovenmeester dan ook
nog koster en organist, waardoor zijn inkomen zoodanig
steeg, dat daardoor vele dorpsgenooten afgunstig op hem
waren en spraken van "die koster".
Maar ook deels ontstond deze schimpnaam, omdat op school
I
4)
Zie Spint Arw ’tn 3e jrg. nr. 6 biz. 172
56