naar de Gevaarlijke opdracht Omdat Evert Jan altijd onderweg was werd hem gevraagd of hij in de Achterhoek de positie te zoeken van een Duitse divisie, die voor een te genaanval oprukte bij Lichtenvoorde, want de berichtgevers die dit nor maal deden weigerden dit, vanwege de gevaarlijke toestand. Evert Jan stelde zich beschikbaar en hij had al voorzorgsmaatregelen getroffen door een witte pet en een witte jas te dragen. Boven hem vlogen er alle maal vliegtuigen met zwaar geschut en beneden zaten de Duitsers ver scholen tussen de bomen, maar Evert Jan kwam er wonderwel onge- Ortscommadant gegaan. Hij mocht een fiets uitzoeken en hij kreeg een briefje waarin stond dat hij vier dagen de tijd had om naar Ruinerwold te gaan. Fietsproblemen Op een gegeven moment werd het steeds moeilijker om je fiets te behou den, want de Duitsers begonnen ze in te nemen. Dit werd voor Evert Jan ook moeilijk, omdat hij bijna door heel het land fietste. Evert Jan wilde op 29 september 1944 op de fiets naar Berlijn, maar zover is hij helemaal niet gekomen. Hij vertrok vanuit Apeldoorn naar Deventer. In Deventer echter was er een Duitser bij een spoorwegviaduct, die zei dat Evert Jan achter een groepje mensen moest gaan staan die voor de Arbeidersinzet wer den onderzocht. Ondertussen haalden de Groenen zijn fiets weg. Het duurde een hele poos voordat Evert Jan aan de beurt was, dus hij had genoeg tijd om een verhaal te bedenken. Hij vertelde dat hij uit Klaaswaal kwam en dat hij een grote boer had geholpen met de oogst en dat ze palen in het land hadden gezet om de eventuele Engelse inva sie tegen te houden. Nu was zijn vader jarig en die wilde hij feliciteren. Evert Jan mocht toen van de Duitser doorgaan en hij kreeg zelfs een stem pel op zijn persoonsbewijs van de Gouw Braunsweich-Hannover van de N.S.D.A.P.en hij zette er ook nog onder:" Frei für Arbeitseinsatz". Hij kon zijn fiets weer bij de Ortscommandatur ophalen. Dat was ook nog een heel karwei, want hij kreeg eerst zijn fiets niet. Evert Jan besloot maar om te wachten, want er zaten belangrijke papieren in de fiets. Op een gegeven moment kreeg hij zijn fiets weer. Zijn zadel en stuur waren al los geweest, maar ze ontdekten niet waar zijn spullen in de fiets zaten verborgen. Hij had namelijk een dubbele kettingkast wat van buitenaf niet te zien was. Een paar maanden iater was hij in Lintelo. Daar werd hem gezegd dat hij het spul maar beter uit zijn fiets kon halen en het hier laten. Hij vertrok met zijn fiets naar Aalten om daar voor een vriend uit Koekange een overlij densbericht door te geven aan een dokter in Aalten die oorspronkelijk uit Koekange kwam. In Aalten werd zijn fiets weer in beslag genomen, om dat hij geen Bescheiniging voor zijn fiets bij zich had. 's Maandags kreeg hij een briefje mee van de dokter en daarmee is hij

Geheugen van Drenthe

Ons Ruinerwold | 2002 | | pagina 36