w “y ‘s a) ilh arl o Heideboender Ik schrok dit keer nog meer toen wij door aankwamen, bij Oom Luuks Gritter. Ja, echt waareen plaggenhut met een raampje. De binnenkant was ook heel donkerdat ene raampje en een deurdat was alles waar het buitenlicht doorkwam. Zover mij nog bekend, weet ik nog, dat voor in het huisje een grote kamer was, daarachter aan de ene kant stonden de geiten en daar tegen over het "huuske" (de w.c.), verder lag er hooi opgeslagen. Buiten in de open lucht was een waterput, voor mij onbekend, want bij Opa en Opoe hadden ze een pomp op de pompstraote) Ook werd bij de familie in Ruinen heideborstels gemaakt, om pannen en melkbussen mee schoon te maken. De heide was in het najaar gemaaid en bij de hut opgeslagen. Turf stond er ook in grote bulten opgeslagen. Ook lag er een dikke bult hout wat nog gezaagd moest worden. Als er zo visite kwam, moest er een feestmaaltijd worden bereid en dat was die dag ook zo!! Ondanks dat ik er vrij kon rond lopen, was ik blij dat het paard weer voor de "brikke" gespannen werd. De volgende dag was ik alweer vroeg wakker, want Opa moest met de biggen naar de markt in Meppel en ik mocht weer eens mee. 't Was op de markt erg druk en Opa moest zoeken naar een lege biggenbak. Vlak bij café Bloksma kon Opa lossen. Het paard werd op stal gezet bij het café en de wagen (brik) ernaast. Er kwam een koopman en na wat handjeklappen, werden ze verkocht. Na nog wat gedronken te hebben (een bor reltje hoorde er bij) en wat boodschappen gedaan te hebben (Opa haalde taai-taai bij van de Kerk in de Woldstraat) werd het paard weer aangespannen en ging het huiswaarts. Opa vertelde thuis aan Oom Klaas en Opoe, dat hij 8 stuivers per stuk meer had gekregen, dan van Nijmeijer. Nog een paar dagen en de herfstvakantie was weer over. Hendrik Kleine was met vakantie naar Hijken ge weest. De eerste de beste morgen naar school mocht ik ach terop de fiets mee met meneer Pastoor, dus was ik wat vroeger bij school. Maar we misten meester Henkel, hij was ziek. Nu moest de volontair Broenink de vijfde en zesde klas doen. De meesten waren er blij mee, want meester Henkel was de laatste tijd niet zo prettig meer om bij in de klas te zitten. Om ons schijn baar een beetje gerust te stellen, las hij het eerste uur een verhaal voor uit een boek: Alleen op de wereld". r B’, 1. -s" 1 s L d al 1 y

Geheugen van Drenthe

Ons Ruinerwold | 2002 | | pagina 20