Vooral de kleine boeren en middenstanders, die met eigen volk werkten, konden daar problemen mee krijgen. Drenthe was op dat moment een grotendeels agrarische provincie. De eerste tijd ging de export van de producten van landbouw en veeteelt naar beide zijden onverminderd door. De prijzen waren hoog en het ging de landbouwers zeker niet slecht. De regering trachtte door allerlei maatregelen de zwarte handel in voedsel tegen te gaan. Maar handige figuren, zagen toch kans om enorme winsten te maken. De gehate O.W.ers, oorlogswinstmakers. Ze verkopen o.a.50.000.000 kilo rijst aan Duitsland. Terwijl de aanvoer over zee steeds moeilijker werd en rijst al spoedig nauwelijks meer te koop was. Smokkelaars, die de wegen in het grensgebied goed kennen, smokkelden koffie, boter en tabak over de grens. Voedingsmiddelen, die de ingezetenen later nog broodnodig zullen hebben. Koningin Wilhelmina bemoeit zich intensief met de toestand. Geregeld gaat ze naar parades en inspecties. De inspecties neemt ze te paard af, in amazonezit. Het was in die tijd natuurlijk onvoorstelbaar dat een hooggeplaatste dame zich zou vertonen in rijbroek, met aan elke kant een been. Op zeker ogenblik gaat ze een kijkje nemen bij de enige duikboot die Nederland bezit. Op de foto staat ze in een lichte outfit, met hoed, op het smalle stuk, dat boven het water uitsteekt. Hoe ze daar gekomen is, vermeldt de historie niet. 2014 - 111 1916: Wilhelmina aan dek van een onderzeeboot van de Koninklijke Marine

Geheugen van Drenthe

op 't Spoor | 2014 | | pagina 7