eeuw
geneesmiddelen uit de 19de
122
J
Lezer Tonko Engelsman stuurde een lijstje "geneesmiddelen"
zoals die in de 19de eeuw nog in zwang waren in zijn familie.
Een voorvader uit Gasselternijveen verzamelde een aantal in een
schrift en legde ze aldus vast voor het nageslacht. Van vaderszijde
kwam hij uit een boerenfamilie, aan moederskant bevonden zich
nogal wat schippers. Vooral schippers moesten zich redden met
huismiddeltjes uit de volksgeneeskunst. Veelvuldig toegepaste
ingrediënten waren naast simpel koud water, melk, room, boter,
olie, zemelen, lijnzaad en lijnkoeken, ook gerst, havermout, zeep,
suiker, stroop, honing, azijn, wijn, bier, brandewijn, jenever,
'mostaard', peperwortel, peper, vlierbloemen en kamille.
Zelfs verstikten, verhangenen, drenkelingen en schijndoden
kwamen er weer van tot leven. Met de aard der medicijnen (sterke
drank, honing) viel zo te zien wel te leven. Dat kon ook anders,
getuigde "Vroeger volksleven in Drenthe", de onvolprezen
klassieker van Gerrit Kuipers. Aan de volksgeneeskunst in het oude
Drenthe hebben we op Schepers Erf in het verleden wel eens vaker
Vroeger was (bijna) iedereen z ’n eigen dokter, met een ruime keus aan de
wonderlijkste geneesmiddelen
Nuchtern spei’ op de wrat
'W ierenga
Ook turfschippers waren vaak aangewezen op hun eigen geneeskunde