Uil: De Wegwijzer. Contactblad Christelijke Caravanclub. 2003-04 Museum De 5000 Morgen 52 53 Sommige soldaten wisten al. dat ze naar Indië moesten. Mijn broei Henk was daar enkele maanden geleden ook heengegaan. Hij móest... nel als deze jongens. De andere dagen fietsten we veel en zo kwamen we vaak langs de boerderij waar Johannes Post woonde. Het is een gebied, waar veel onderduikers in de oorlog 'een plekje' vonden. Inmiddels was ik al heel wat uurtjes onderweg toen de trein Hoogeveen binnen reed. Hier moest ik uitstappen en ik werd hartelijk nagewuifd. ’t Werd weer spannend ...zou ik Jannie herkennen? Ik had alleen een foto van haar. Ja hoor, het ging vanzelf. Een beetje schuchter groetten we elkaar en gingen op zoek naarde bus. Na een kwartier kwam de bus aangereden. We moesten staan. Door Hoogeveen ging het richting Noordscheschut. Daar moesten we uitstap pen. Nou. hier hield de wereld een beetje op: we moesten lopen naar Opgaande 36. Waarschijnlijk was ik toen zo'n vier uur onderweg. Nu. in deze lijd, is dit de vliegtijd Schiphol-Amman. Fashion Passion Eind januari gaal de tentoonstelling Fashion Passion van start. Hier wordt de mode van met name na de Tweede Wereldoorlog belicht. Het gaal in deze expositie niet om de haute-couture, maar om de kleding van 'gewone' mensen. Daarbij wordt er rekening gehouden met het tijdsbeeld waarin de mode functioneerde. Jannie had ook een baantje. Eén keer per maand trok ze door de streek en verkocht koffie. Ik ben een paar keer mee geweest. We fietsten door het Drentse land en overal verkocht ze pakken koffie. Ik denk dat het K. G. was. Het was al legen donker worden dat ze nog één adres moest bezoeken. Een boer woonde eenzaam in het land. We moesten door hel grasland fietsen, hek open, hek dicht, tot we eindelijk door de achterdeur van het boerderijlje naar binnen konden. De oude boer zat alleen aan tafel en las in de bijbel. Alles heel oud. heel eenzaam, heel triest. Jannie mocht de lamp aansteken en toen zagen we wat meer: een tafel met een zeiltje en daarop de grote oude bijbel. Vlak boven de tafel hing een grote bruine lamp: rookbruin. Wat ik zag was een plaat van de tekenaar Jetses. De boer kocht koffie en betaalde gelijk. Zijn geldzakje haaide hij uit zijn versleten oude broekzak. Toen ik vertelde, waar ik vandaan kwam, knikte hij alleen maar. Jannie was er aan gewend, maar ik vond het heel triest ...ze eenzaam ...zo alleen. ...zo oud. alles. Het was bijna donker toen we door het land terug fietsten. En... we gingen regelmatig naar Hoogeveen waar de familie woonde. Ook heb ik er trouwerijen meegemaakt van haar zusteren broers. Onze vriendschap heelt zo'n twaalf jaar geduurd. Toen is 't ie 'doodgebloed'. Eigen webstee Museum De 5000 Morgen heeft sinds kort een eigen webstee: http//www.5000morgen.nl. Hierop is van alles te vinden rond de exposities in het museum. Ook stukken uit de collectie worden regelmatig in hel zonnetje gezet. Op de webstee staan momenteel ook twee artikelen: een artikel van Albert Metse laar rond Bazuinen en andere Blaasinstrumenten in Hoogeveen en een artikel van Jan de Vries over het brouwen van gruytbier in de Middeleeuwen. Het brouwen van dit gruytbier is enkele maanden geleden weer nagedaan door werkgroepleden van Gesclscap Die Luyden van 't Hoogeveene. Op wetenschappelijk verantwoor de wijze zijn ze een dag bezig geweest om de aanzet tot het gruyt te maken. Want zoals elke brouwer weet: bier ontstaat pas in hel vat. Hel bier was tenslotte te proeven op een succesvolle midwinteravond, 21 december in het museum. Meer informatie over hel Geselscap Die Luyden van 't Hoogeveene vindt u op hun eigen webstee: http://www.dieluyden/vanthoogeveene.nl. Toen kennis maken met de familie. Er waren nog zeven kinderen thuis; een doch ter was getrouwd. De kennismaking met het oude land vond ik schitterend. Er waren heel veel oude huizen. Er was ook zichtbare armoede, heel triest. Het huis van de familie was een eenvoudig boerderijtje. De moeder kookte op een fornuis, dat met hout werd gestookt. Haar handen waren zo 'verhard', dal ze de hete ringen er met haar blote handen afhaalde. Dat beeld ben ik nooit vergeten.Het was een hartelijke vrouw. Lang, donker gekleed en een grote schort voor. Het dunne haar bracht ze achter bijeen om een klein knotje te maken. Wat zal ze het zwaar gehad hebben in haar leven. Alle oudere kinderen werkten nu en dat gaf wel verlichting. De vader leefde ook nog: hem zag ik niet veel. Hij handelde in hout en was veel in de bossen. En toch hè. als we met de auto naar het Noorden rijden en we komen langs het bord 'Hoogeveen' en 'Noordscheschut'. dan denk ik altijd aan het dorp, dal mij 56 jaar geleden welkom heette. Aan hel eenvoudige boerderijtje waar de moeder zo heerlijk kon koken. Aan de gloeiend hete ringen van t fornuis. Aan de poepdoos bij de staldeur. Aan de fietstochten en de hartelijke mensen. En aan de oude een zame boer die in het schemerdonker in de bijbel zat te lezen. Met weemoed denk ik aan de tijd die ik in I Oogeveinse heb doorgebracht. Voor mij was hel een echte wereldreis. Een reis zonder poespas. Een waardevolle reis! Enkele jaren geleden zijn we nog eens naar het dorp geweest. Wat was hel veran derd. Óude huizen zijn afgebroken en 'de blijvers' zijn met rigoureuze maatrege len aangepakt en vernieuwd. Verschillende huizen aan Het Opgaande stonden er nog. maar het kanaal was gedempt. Hel was nu een asfaltweg, waardoor je met de auto bij het huis kon komen. Ik heb moeten zoeken om 'mijn huis' te vinden. Alles was zo veranderd, maar we hebben het gevonden.

Geheugen van Drenthe

De Veenmol | 2008 | | pagina 28