I GENEALOGIE Hugo Voerman 35 34 Fouten in acten Burgerlijke Stand - In een huwelijksacte van 28 augustus 1875 slaat Aaltje Bremer geboekt als zoon van... - In de overlijdensakte van 18 februari 1909 staat Aaltje Bremer geboekt als doch ter van Albert Jans Bremer en Albert Jans Martinus. (Dus een dochter van twee mannen! -In een overlijdensacte. gedateerd 24 november 1873. wordt onder andere als aangever genoemd: Jan van Echten... 'Deze kan die acte niet onderteekenen, als hebbende hij de kunst van schrijven niet geleerd’. Oproep ’oude’ schoolfoto’s Voor het archief van de Historische Kring Hoogeveen zijn wij op zoek naar school foto’s. En dan voornamelijk klassenfoto's. Zowel die van de 'oudere' als van de 'jongere' jaren, o.a. de jaren vijftig en zestig, zijn welkom. U mag ze digitaal aanle veren. met vermelding van de naam van de school, het jaar waarin de foto gemaakt is en natuurlijk indien mogelijk de namen van de personen die er op staan. Kunt u het niet digitaal doen, dan willen wij graag een kopie van de foto maken. Enkele bekende namen van koetsen zijn: - Berliner Duitse stadskoets - Achenbacher (veelzijdige Duitse koets): De oorsprong en het gebruik van de koets door Cor Koopmans Het woord koets’ is afgeleid van de plaatsnaam Koes (een dorp bij Györ in Hon garije). waar het keizerlijk wagenpark zich bevond. Het eerdere gebruik van een draagstoel voor het ven oer van hooggeplaatste personen werd rond 1580 vanuit Hongarije dooreen nieuwe mode vervangen. Deze bestond uit een lichtgebouwde cabine, die met vier riemen tassen twee assen was opgehangen. De twee paarden werden bestuurd door een ruiter die op hel linker paard zat. In de late Middeleeu wen ontstond in West-Europa een behoefte aan personentransport per wagen. Uit die overgangsperiode kennen we allerlei verbodsbepalingen van vorsten, die probeerden hel tij van deze ontwikkeling (vooruitgang) te keren. Dit was overi gens tevergeefs. Het eerst werd hel (edel(vrouwen toegestaan om per wagen te reizen. De eerste rijtuigen uit die periode waren daarom vrouwenwagens. Deze wagens waren bijna altijd met de bak direct op het onderstel bevestigd, iets dat verre van comfortabel geweest moet zijn. Koetsen waren voor: vrouwen, zieken en desnoods voor geestelijken, maar niet voor stoere mannen. Elke man. die in de ridderstand verheven was. moest een geoefend ruiter zijn. Het rijden in een wagen w as in die tijd eigenlijk alleen maar voor watjes. Ook koningen en pausen verplaatsten zich te paard, dan wel. volgens kerkelijk voorschrift, op een tamme schimmel. Misschien komt het daardoor dat de Goed- heiligman ook nu nog op een schimmel rijdt. Rond de 16e eeuw begon het rijden in koetsen ook voor mannelijke edelen lang zaam acceptabel te worden. De Franse koning Karel IX maakte zeil gebruik van een hangende wagen ter gelegenheid van zijn huwelijk in 1569. Hij verweet zijn edelen het gebruik hiervan als verwijfdheid. Pas in 1576 werd dit voertuig karos' genoemd en werd het een inventaris van zijn koninklijke stallen. In de 17e eeuw kreeg de karos een in riemen hangende wagenbak, die wat meer heen en weer schommelde. Dit nam de stugheid en starheid w at weg. En deze constructie maak te het ook mogelijk om een haakse bocht te maken met de wagen. In de 18e eeuw heeft de ontwikkeling van de koets een grote stap voorwaarts gemaakt. Er werden toen stalen veren toegepast (bladveren). Dit maakte het mogelijk om ook raampjes rondom te plaatsen, wat eerder niet kon vanwege zijn stugheid, want dan zou er geen ruit heel blijven. De vorm waar een koets aan moest voldoen werd voor een deel bepaald door de opdrachtgever. In de 19e eeuw waren er al verschillende soorten rijtuigen in gebruik. Óp hel platte land gebruikte men veel open boerenwagens. Luxe koetsen werden veelal door de adel gebruikt, zowel in de steden als op het platteland. Zeven generaties Geen janboel, wel een boel Jannen 1. Jan Duinkerken, geboren te Hoogeveen in augustgus 1965. 2. Jan Duinkerken, geboren te Rotterdam op 21 mei 1929. Hij is op 29 december 1954 getrouwd met Anna Elisabeth (Annie) Hemstede, geboren te Hoogeveen op 31 januari 1931. dochter van Gerrit Albertus Hemstede en Geessicn Stuifzand. 3. Jan Duinkerken, geboren te Zuidwolde op 17 maart 1899. Hij is getrouwd te Weesp op 6 juli 1928 met Elske Poeze. geboren te Hindeloopen op 10 april 1903. 4. Jan Duinkerken, geboren te Hoogeveen op 19 mei 1866. overleden 1 oktober 1951. Hij is getrouwd te Hoogeveen op 23 januari 1897 met Jentje Haar, gebo ren te Zuidwolde op 27 september 1866. 5. Jan Duinkerken, geboren op 9 juli 1832. overleden voor 1896. Hij is getrouwd te Hoogeveen op 20 januari 1866 met Jentje Slagter. geboren 11 september 1838. 6. Jan Jans Duinkerken, gedoopt te Zuidwolde 17 september 1780. overleden te Hoogeveen 13 december 1845. Hij was gehuwd met Femmigje Everts (1814) en Grietien Everts Vos (1816). 7. Jan Jans Duinkerken, (ook Linde genaamd), overleden in 1801Hij was gehuwd met Woltertje Klaas Vogelzang, overleden op 15 maart 1794. Hugo Voerman.

Geheugen van Drenthe

De Veenmol | 2008 | | pagina 19